Vanaf 1 Juli 2024 geldt de WPM, werkgebonden personenmobiliteit

Bedrijven met honderd of meer werknemers moeten vanaf 1 juli 2024 verplicht rapporteren over het woon-werkverkeer en zakelijke mobiliteit van de werknemers. Uiterlijk 30 juni 2025 moeten de gevraagde gegevens over 2024 zijn ingediend. Dit is de rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit (WPM). 

Deze regeling komt voort uit het Klimaatakkoord met als doel een forse CO2-reductie in 2030. In de eerdere WPM handreiking werd alleen uitgegaan van de mogelijkheid gereisde kilometers te registreren. In sommige gevallen is het echter lastig voor werkgevers om kilometers bij te houden in hun administratie en is het ook lastig deze te registreren. Bijvoorbeeld bij wisselende berijders. 

In de nieuwe CSRD-regelgeving is er wél een mogelijkheid voor het rapporteren in hoeveelheid liters brandstof die zijn gebruikt, óf het aantal gereden kilometers.

Nadat dit aanhangig is gemaakt bij de overheid, is de optie om brandstofliters door te geven toegevoegd. De berekeningsmethode die wordt gebruikt voor de rapportageverplichting werk gebonden personenmobiliteit, gaat nu uit van dezelfde principes die binnen CSRD gelden. Dit zorgt bovendien voor meer uniformiteit.

In de aangepaste handreiking voor werkgevers vind je:

  • In bijlage 3 een omzettingstabel waarmee de bijgehouden liters benzine of kilowattuur (kWh) kunnen worden omgerekend in de gevraagde jaarkilometers. 
  • In bijlage 6 de link met de CSRD-rapportageplicht
  • Download de handreiking van RVO

Terugkoppeling

Werkgevers ontvangen een terugkoppeling als de gegevens zijn ingediend. Deze terugkoppeling geeft inzicht in de CO2-emissie van de onderneming en bevat daarnaast tips en verwijzingen naar relevante informatie over het (verder) verduurzamen van de werkgebonden mobiliteit.

Emissieplafond

Op basis van de gegevens die werkgevers jaarlijks verstrekken, beoordeelt het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat of de reductie die in het Klimaatakkoord is afgesproken (1 Mton in 2030) wordt gehaald. In eerste instantie was er sprake van een emissiegrenswaarde (norm). Aan deze norm was een maximale CO2-emissie per reizigerskilometer voor zakelijke mobiliteit gekoppeld. Na gesprekken met de branche organisaties is er toch gekozen voor een collectief plafond, zonder verplichte individuele norm.